Taal oefenen
Tegenwoordige tijd en verleden tijd
Tegenwoordige tijd en verleden tijd

Taal groep 5 - Werkwoorden

Stamregel 1: Het woord verandert niet
1
2
3
Stamregel 2: Het woord verandert
Stamregel 3: Dubbele medeklinkers
Stamregel 4: De f verandert in de v en de s verandert in de z
Stamregels 1 tot en met 4 gemengd